dinsdag 26 februari 2013

A-B stereografie, wanneer groot en wanneer klein?

Vandaag heb ik de opnamen van het Krashna-kamermuziekconcert van afgelopen zondag afgerond. Na (ik vermoed) een KaMu of 4 experimenteren is het me eindelijk gelukt een fatsoenlijke opname met de vloermicrofoons te maken: het stereobeeld is nu eens gewoon goed in plaats van veel te breed. Waar ik meestal zeker een meter ruimte tussen de microfoons had heb ik ze nu 70cm uit elkaar gelegd en dat blijkt fantastisch te werken. Het leek me een goed idee de overwegingen wat betreft de breedte van A-B opstellingen eens op te schrijven.

Gevestigde orde over klein A-B

Er zijn veel verschillende meningen over A-B opnamen, maar tot afgelopen zondag was ik nooit erg te spreken over de klank van klein A-B. Als voorbeeld de gids van DPA, die A-B beschrijft met een breedte van 40 tot 60cm, waarbij eventueel smaller wordt gebruikt als er erg dicht op een ensemble wordt opgenomen.

Aldus Wikipedia neemt de 'opnamehoek' af als de microfoons verder uit elkaar worden geplaatst. De genoemde cijfers zijn valide voor farfield, maar voor nearfield opname (ofwel, dicht op de uitvoerenden) zal het iets schelen. Sowieso heb je met nearfield-opnamen al snel intensiteitsverschillen.

Het is jammer dat er zo veel over klein A-B is geschreven en zo weinig over groot A-B.

Overgang naar groot A-B

Goed, de tekstboek-kennis over A-B is helder: zo tussen de 40 en 60 cm werkt het allemaal goed. Toch werkt groot A-B precies hetzelfde, alleen dan met microfoons een meter of 4 uit elkaar. Ik vermoed dat er ergens een omslagpunt is waar het menselijk gehoor de faseverschillen niet meer kan omzetten in plaatsing. Niet zo gek, want eigenlijk maak je gebruik van het afstandsverschil tussen beide oren en overdrijft dat een beetje. Als je dat een factor 3 overdrijft kan ik me voorstellen dat het gehoor er geen chocola van kan maken. De vraag is dan natuurlijk: waar ligt dat omslagpunt en kunnen we er gebruik van maken?

De groot-AB van weleer (living stereo van RCA, living presence van Mercury, de Decca-tree) gebruiken allemaal een middenmicrofoon. Waar dat vermoedelijk ooit geboren is uit de behoefte mono-compatibele stereo-opnames te maken is die midden-microfoon toch geweldig interessant: zonder die middenmicrofoon krijg je over het algemeen een 'gat' in het midden van je opname. Je zou kunnen denken dat de regels voor klein-AB nog steeds opgaan en dat de opnamehoek zo miniscuul klein is geworden dat alle instrumenten naar de zijspeakers zijn getrokken. Het effect is echter niet heftig, en de middenmicrofoon wordt vaak 6dB zachter ingemixt dan de twee zijmicrofoons. De opname waar ik in mijn vorige blogpost over schreef is ook gelukt met groot-AB zonder middenmicrofoon, waarschijnlijk doordat ik iets minder breed opstelde en iets verder dan gebruikelijk van de geluidsbron zat.

Tenslotte: een middenmicrofoon kan ook nog helpen bij het probleem van zwerven. Als een uitvoerder in het midden van een groot orkest (bijvoorbeeld een zangsolist) iets beweegt kan het snel van links naar rechts wisselen wat het zwerven in het stereobeeld oplevert. Een middenmicrofoon kan dat oplossen door het midden echt vast te pinnen in het midden.

Omslagpunten

De afweging die speelt in het verschil tussen klein-AB en groot-AB is praktisch die tussen looptijd en intensiteitsverschillen. Klein-AB wordt gespecificeerd rond de 50cm en ik vermoed dat enkel looptijdsverschillen niet meer begrepen kunnen worden door de hersenen als de afstand veel groter wordt. Groot-AB steunt dan ook alleen op intensiteitsverschillen. Ik vind het vaak bijzonder mooie resultaten geven, en ik denk dat dat komt omdat de fase van links en rechts volledig is losgekoppeld, wat volgens de literatuur een gevoel van ruimtelijkheid geeft.

Waar de scheidslijn precies ligt tussen looptijd- en intensiteitsstereo hangt vermoedelijk ook af van de nabijheid van de geluidsbron. Het is eenvoudig voor te stellen waarom: als de linker microfoon dichter bij de linker uitvoerder ligt dan de rechter krijg je een (bescheiden) intensiteitsverschil. Als de uitvoerders ver weg staan (farfield) dan heb je dit niet. Waar de intensiteitsstereo oppakt is dus afhankelijk van de afstand tot de uitvoerders. Ik vermoed dat het bij grote orkesten > 1m is, maar voor het geval van deze KaMu zit ik met 70cm misschien net op een scheidslijn.

Praktische wenken

Verder nog een paar dingen die ik aan den lijve heb ondervonden.

  • Maak de A-B opstelling zeker niet breder dan de halve breedte ensemble. Dat klinkt logisch, maar als je een avond hebt met verschillende ensembles zal een brede opstelling goed werken voor een kwintet of groter, maar afschuwelijk bij een solist.
  • Hoe breed A-B precies moet is afhankelijk van een hoop factoren. Bij een solist of klein ensemble moet klein A-B voldoen, totdat de optimale breedte gerekend vanuit groot A-B groter is dan een meter. Groot A-B zou je dan kunnen gebruiken bij ensembles breder dan een meter of 3. Dit is dan wel voor opnemen dicht op het ensemble, want uit de ervaring in mijn vorige blogpost is gebleken dat op enige afstand van het ensemble een spreiding van 1 meter nog looptijdstereo geeft.
  • Specifieker zou ik zeggen dat een groot A-B opstelling die redelijk dicht op de muzikanten is geplaatst ongeveer 1/4e tot 1/3e van de breedte van het ensemble uit elkaar moet liggen.
  • Door een derde (midden-)microfoon te gebruiken kan het groot A-B wijder opgesteld worden. Uiteraard niet overdrijven, want als de middenmicrofoon te luid ingemixt moet worden wordt de opname mono en verlies je alle voordelen van stereo.
  • Uiteraard zijn er tal van uitzonderingen. Ik heb met goed gevolg deze 'regels' met voeten getreden doordat ik PZM's zeer dicht bij de instrumenten had liggen. In dat geval krijg je een overdreven stereobeeld, maar dat was daar van ondergeschikt belang: de verstaanbaarheid in luidruchtige omgeving was veel belangrijker en dan is dicht op de instrumenten zitten erg handig

Tot zover dit hersenspinsel. Hopelijk heeft iemand (of ikzelf) er nog eens wat aan, maar wees gewaarschuwd: het is maar een aan een blog toevertrouwde gedachtegang.

maandag 23 januari 2012

Opname zondag 15 januari, Harmonie Amicitia Steenbergen

Wat: Harmonieorkest met redelijke bezetting
Waar: Ontmoetingscentrum 't Cromwiel
Hoe: H4n met 2 x PZM

Het bleek al snel teveel moeite om microfoons op te hangen, dus werden ze op enige afstand van het podium op een lager podium voor het hoofdpodium geplaatst. Dit was ongeveer een halve meter lager. De PZMs 2,80m uit elkaar, H4n in het midden. Ongeveer 1,5 meter (in diepte) van het hoofdpodium af. Dit was noodgedwongen (ik had wat verder naar achteren gewilt) omdat er een sprekers-lessenaar op het podium kwam te staan die in het geluidsbeeld stond, dus moest de rechter microfoon daaronder om er zo min mogelijk last van te hebben.

In de mix bleek de PZM het meest interessant, de H4n-nieren waren te schel en trokken de eerste rij teveel naar voren. De PZM configuratie was een tikje te breed (dus links op 90% links en rechts op 90% rechts ingemixt) en het klonk links een beetje dood, dus die kreeg 3dB extra. Dit was overigens in de uitslag niet te zien (na de 3dB extra was links duidelijk harder) maar zo klonk het wel.

Ondanks de theoretisch slappe opstelling (met microfoons op de vloer in plaats van in de lucht en op suboptimale afstanden) klinkt het allemaal redelijk. Stom genoeg bleek uit experimenteren (vooraf) dat het verkleinen van de afstand tussen de microfoons naar 1m het stereobeeld alleen nog maar verder verbrede. Tussen de 1m en 2m gaat het geluid over van fasestereo naar intensiteitsstereo blijkbaar.

Helaas is er wel iets fout gegaan bij het onder de video zetten van het geluid, dus dat is hier en daar overstuurt. Sorry.

zaterdag 26 maart 2011

Hoe/Wat/Waarom FLAC (or: Why/How/Where FLAC)

--- For English, scroll down ---

Omdat ik vaak mijn opnames in FLAC verspreid ging tot nu toe in elk mailtje naar de uitvoerenden een kort verhaaltje over wat FLAC is en hoe je het kunt gebruiken. Dat was vaak toch wel een beetje kort door de bocht, dus leek het me handig dit ergens neer te zetten waarnaar eenvoudig verwezen kon worden.

Korte, praktische uitleg

FLAC is een bestandsformaat voor geluid dat het bestand verkleint maar dat, in tegenstelling tot bijvoorbeeld MP3, doet zonder kwaliteitsverlies. Eigenlijk is het een soort ZIP-bestand maar dan speciaal voor geluid. Als je met Windows Media Player werkt kun je hier een plug-in vinden, als je met iTunes of Quicktime op de Apple Mac werkt vind je die hier, voor iTunes op Windows is er helaas niets eenvoudigs te vinden dat gewoon werkt. In onder andere VLC, Winamp en Songbird werkt het direct zonder plugins. Om FLAC terug om te zetten naar WAV of voor plugins voor andere programma's kun je een kijkje nemen op de "Using FLAC" sectie van de FLAC website.

Waarom FLAC?

Dat heeft 2 redenen, die allebei iets met geluidskwaliteit te maken hebben. Allereerst weet je met FLAC zeker dat er niets raars met het geluid gebeurd, en dat het geluid in de hoogst mogelijke kwaliteit binnenkomt. De meeste mensen die ik muziek stuur zijn muzikanten en die geven hopelijk ook om geluidskwaliteit.

Ten tweede omdat iedereen een ander formaat wil. Veel mensen gebruiken MP3, maar er zijn ook meer dan voldoende mensen die eigenlijk alleen WMA, AAC of Vorbis gebruiken. Als ik alle muziek in MP3 online zet zullen er mensen zijn die dit omzetten naar AAC, en in die omzetting gaat ook veel kwaliteit verloren, omdat er zo dubbel informatie wordt weggegooid. Ik zou ook alle opnames in zowel MP3, WMA, AAC en Vorbis online kunnen zetten, maar dat kost me net zoveel ruimte als één FLAC, en dan sla ik de mensen die enkel FLAC luisteren (die zijn er ook) over. Daarbij kost het me een hoop tijd. Als men zelf de opname omzet naar het formaat dat hij/zij wil hebben is dat probleem opgelost.

Dan, waarom FLAC en geen WAV of een ander lossless formaat. Nu, het is niet dat opslagruimte aan bomen groeit en FLAC haalt in de meeste gevallen besparingen van zo'n 50%, dat betekend dus 2x zoveel op dezelfde ruimte. FLAC is ten opzichte van de andere formaten het breedst geaccepteerd en ondersteunt en het snelst te comprimeren/decomprimeren. Vooral de brede ondersteuning geeft hierbij de doorslag.

Achtergrond informatie: Lossless versus Lossy

Allereerst het verschil tussen een verliesformaat en een verliesvrijformaat, in het Engels respectievelijk lossy en lossless. Geluid zoals wij dat kennen zijn drukgolven, deze kunnen op een computer worden opgeslagen. Deze omzetting via microfoon en omzetting van analoog naar digitaal is een proces waarbij informatie verloren gaat. Deze informatie kan in een WAVE-bestand (ofwel .wav) worden opgeslagen in de meest eenvoudige vorm. Hierbij wordt niets aan het geluid veranderd.

Omdat deze geluidsbestanden snel onpraktisch groot worden kwamen er, vooral vanuit de telecomindustrie, manieren om dit geluid vele malen kleiner op te slaan door een systeem wat we een codec noemen. Dit gebeurde in de beginjaren door de stembanden wiskundig te modelleren. Het computerprogramma wat een geluidsbestand analyseert en de parameters van het wiskundige model genereert heet een encoder, een computerprogramma wat deze parameters via het model weer omzet naar geluid heet een decoder.

In plaats van informatie weg te gooien is het echter ook mogelijk de bestanden via een andere representatie compacter op te slaan. Dit gebeurd meestal door een wiskundig model te gebruiken dat de golfvorm van het geluid zo precies mogelijk kan beschrijven, waarna de fout die het model maakt apart wordt opgeslagen. Door dit proces om te draaien krijgt men precies hetzelfde bestand weer terug.

Het bekende MP3 en zijn consorten WMA, AAC en Vorbis zijn verliesformaten (lossy), ze proberen gegevens die het menselijk oor niet kan horen weg te halen en het overblijfsel te benaderen met een wiskundig model. FLAC en zijn consorten Shorten, Wavpack, TAK, ALAC en vele andere zijn verlieslozeformaten (lossless) omdat ze geen informatie weggooien en de fout die de benadering maakt niet weggooien, maar apart opslaan.

Because the mails I generally write people to tell them where to find their recordings have to be short (otherwise no-one reads them), I thought I would be a good idea to have an explanation somewhere on the internet. I have had this explanation in Dutch for some time, now it's time to add an English one

Short do-it-yourself-like approach

FLAC is a file format for audio that makes a file smaller but doesn't alter the sound itself, like MP3 does. This is so-called lossless coding, whereas MP3 is called lossy coding. It's more like ZIP, but because it is made for audio it is much more efficient. If you use Windows Media Player, get a plug-in here, if you work with with iTunes or Quicktime on Apple Mac get it here, for iTunes on Windows there sadly is no plug-in that just works. In VLC, Winamp and Songbird FLAC is supported out-of-the-box. To convert FLAC back to WAV or to get other plug-ins, try the "Using FLAC" section of the FLAC-website

Why FLAC?

Because I wanted a lossless format and WAV, while very well supported, eats too much space. FLAC is the most well-known and best supported format out there. I wanted lossless because otherwise I would have to distribute the music in MP3, WMA, AAC and OGG (because everyone wants another format) and now everyone can do that themselves. Furthermore, I don't have to worry about any possible quality loss.

I hope this explains a few things about the FLAC format :)